Sla menu over en ga naar de inhoud

gemeente Langedijk - Brandbeveiligingsverordening Langedijk 2010

Langedijk. Ondernemend samenleven.
-

Brandbeveiligingsverordening Langedijk 2010LeesVoor

De Brandbeveiligingsverordening regelt het voorkomen, beperken en bestrijden van brand, het beperken van brandgevaar en het voorkomen en beperken van ongevallen bij brand en al hetgeen daarmee verband houdt, voor zover daarin niet bij of krachtens de Woningwet of enige andere wet is voorzien.
Overheidsorganisatie: gemeente Langedijk
Officiële naam van de regeling: Brandbeveiligingsverordening Langedijk 2010
Citeertitel: Brandbeveiligingsverordening Langedijk 2010
Deze versie is geldig tot (als de vervaldatum is vastgesteld):  
Besloten door: gemeenteraad
Onderwerp: openbare orde en veiligheid

Opmerking m.b.t. de regeling:

Deze regeling vervangt de brandbeveiligingsverordening van 1993. Art. 10 bevat overgangsbepalingen.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd:

Nationale wetgeving

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving):

  • Geen.

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtredingTerugwerkende kracht t/mBetreftOntstaansbron / Inwerkingtreding: Datum ondertekening; bron bekendmakingKenmerk voorstel
13-05-2010nieuwe regeling27-04-2010
Gemeenteblad,
2010, 290


R27042010GB290

Brandbeveiligingsverordening Langedijk 2010+
Naar boven
Aanhef. Brandbeveiligingsverordening Langedijk 2010
De raad van de gemeente Langedijk;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 16 februari 2010, nummer 23;

gelet op artikel 12 van de Brandweerwet 1985;

overwegende dat het verplicht is een verordening vast te stellen omtrent het voorkomen, beperken en bestrijden van brand, het beperken van brandgevaar en het voorkomen en beperken van ongevallen bij brand en al hetgeen daarmee verband houdt, voor zover daarin niet bij of krachtens de Woningwet of enige andere wet is voorzien;

b e s l u i t :

vast te stellen de volgende

Brandbeveiligingsverordening
Naar boven
Paragraaf 1. Algemeen
 
Naar boven
Artikel 1. Begripsomschrijvingen
In deze verordening wordt verstaan onder:
a. een inrichting: een voor mensen toegankelijke ruimtelijk begrensde plaats voor zover die geen bouwwerk is;
b. bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct hetzij indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren.
Naar boven
Paragraaf 2. Gebruiksvergunning
 
Naar boven
Artikel 2. Verbodsbepaling
1. Het is verboden zonder of in afwijking van een door het college verleende gebruiksvergunning een inrichting in gebruik te hebben of te houden, voor zover daarin:
a. meer dan 50 personen tegelijk aanwezig zullen zijn;
b. aan meer dan 10 personen bedrijfsmatig of in het kader van verzorging nachtverblijf zal worden verschaft;
c. aan meer dan 10 personen jonger dan 12 jaar, of aan meer dan 10 lichamelijk of geestelijk gehandicapte personen dagverblijf zal worden verschaft.
2. Het college kan aan de gebruiksvergunning voorwaarden verbinden in het belang van het voorkomen, beperken en bestrijden van brand, het beperken van brandgevaar en het voorkomen en beperken van ongevallen bij brand en al hetgeen daarmee verband houdt.
3. Het college kan aan de gebruiksvergunning nieuwe voorwaarden verbinden en gestelde voorwaarden wijzigen of intrekken, indien het belang waarvoor de gebruiksvergunning is verleend dit vereist op grond van een verandering van inzichten of verandering van de omstandigheden gelegen buiten de inrichting, opgetreden na het verlenen van de gebruiksvergunning.
Naar boven
Artikel 3. Weigeringsgronden
Het college weigert een gebruiksvergunning, indien de in de aanvraag vermelde wijze van gebruik van de inrichting niet brandveilig is en door het stellen van voorschriften ook niet kan worden bereikt.
Naar boven
Paragraaf 3. Het voorkomen van brand en het beperken van brand en brandgevaar
 
Naar boven
Artikel 4. Gebruikseisen
De eisen gesteld aan het brandveilig gebruik van bouwwerken in de paragrafen 2.1, 2.2 en 2.3 van het Besluit brandveilig gebruik bouwwerken (Stb. 2008, 327) zijn analoog van toepassing.
Naar boven
Paragraaf 4. Het bestrijden van brand en het voorkomen en beperken van ongevallen bij brand
 
Naar boven
Artikel 5. Brandveiligheidsvoorzieningen
De eisen gesteld aan het brandveilig gebruik van bouwwerken in de paragrafen 2.4, 2.5 2.6, 2.7 2.8 en 2.9 van het Besluit brandveilig gebruik bouwwerken (Stb. 2008, 327) zijn analoog van toepassing
Naar boven
Artikel 6. Melden van brand en broei
Ieder die brand of broei ontdekt of deze vermoedt, is verplicht dit onmiddellijk aan de brandweer te melden.
Naar boven
Artikel 7. Bossen, heidevelden, venen
De eigenaar van een aaneengesloten of vrijwel aaneengesloten opstand die voor meer dan de helft bestaat uit naaldhout, een heideveld, een veen of een ander terrein, dat met brandbare gewassen is begroeid, is verplicht de voorschriften op te volgen, die het college geeft tot het voorkomen van brand en het beperken van de gevolgen van brand.
Naar boven
Paragraaf 5. Overgangs- en slotbepalingen
 
Naar boven
Artikel 8.
Het toezicht op de naleving van de bepalingen van deze verordening wordt opgedragen aan ambtenaren van de brandweer en daartoe door het college aangewezen ambtenaren.
Naar boven
Artikel 9. Intrekking oude regeling
De brandbeveiligingsverordening van 1993 wordt ingetrokken.
Naar boven
Artikel 10. Overgangsrecht
1. Vergunningen die zijn verleend onder werking van de brandbeveiligingsverordening van 1993 en die van kracht zijn op het moment van inwerkingtreding van deze verordening worden aangemerkt als vergunning krachtens deze verordening;
2. Indien vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een aanvraag om vergunning op grond van de brandbeveiligingsverordening van 1993 is ingediend waarop nog niet is beslist, wordt daarop deze verordening toegepast;
3. Op bezwaarschriften gericht tegen een beschikking op een aanvraag om vergunning krachtens de brandbeveiligingsverordening van 1993 wordt beslist met toepassing van deze verordening.
Naar boven
Artikel 11. Inwerkingtreding
Deze verordening treedt in werking op de dag na die waarop zij is bekendgemaakt.
Naar boven
Artikel 12. Citeertitel
Deze verordening wordt aangehaald als: “Brandbeveiligingsverordening Langedijk 2010”.

 
Naar boven
Ondertekening.
Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Langedijk in zijn openbare vergadering van 27 april 2010.

De voorzitter,


drs. J.F.N. Cornelisse

De griffier,


J. van den Bogaerde